Romans en verhalen

Theo Monkhorst schrijft poëzie, proza en toneel. Hij publiceerde drie poëziebundels en losse gedichten in diverse van literaire tijdschriften in Nederland en België. In 2012 verschijnt een poëziecyclus over Afrika.

In 2010 verscheen het toneelstuk ‘King Dik, nar en koning’, dat in een openbare lezing werd gepresenteerd in het Haagse Spuitheater.

Hij publiceerde twee romans: ‘Brieven aan mijn liefste’ en ‘Vuil bloed.’

In 2012 verschijnt een nieuwe roman: ‘De paradox van Tinguely’ en de auteur werkt aan een roman die in 2013 moet verschijnen.

Brieven aan mijn liefste
Novelle in briefvorm, 2005
Lees meer >

Korte teksten

Giaccomo's sterfbed
Lees meer >

Jongetje
Lees meer >

Aantekeningen in de tussentijd
Lees meer >

Een ongepubliceerd pleidooi
In memoriam Gerard Fieret
Lees meer >

Opinie

Dagboek

Dagelijkse aantekeningen
Lees meer >>

Nieuwe gedichten

Voor enkele recente gedichten
klik hier >

Gedichtenbundels

Poging tot benadering
gepubliceerd in 2000
Lees meer >

City of Glass
gepubliceerd in 1960
Lees meer >

Enkele recente gedichten

 

Portret met fijne pen

Zij leest

temidden van de massa
staand kruisgevoet
nageltjes rood
het boek in adoratie geheven

naar haar ogen
vochtig en zoekend
de sleutel

die haar toelaat
tot haar zelf
aan gene zijde

van het papier
vol verwachting
dat wat oud

en rijp was
fris en blozend wordt
als haar wangen.

Zo staat zij
ongemerkt alleen
onkwetsbaar aan deze zijde.

 


*

Waar de martelaren wonen
liggen vruchten te glanzen
en vissen te lachen, het ruikt

er naar warm brood
en gebraden kippen
en niemand denkt aan de doden.

 

*

De vingers van de opgewonden bladeren
wijzen de herfstwind de weg door
de trechter van het raam: díe daar!
en zijn klamme hand trekt mij
het donkere bos in.

 

*

Wat mis ik de woorden
die ik niet schreef

die niet beklijfden
niet landden
niet pasten

niet kleurden bij
het donkere het groen
dat niet donker was
als het al groen was

die vergeten woorden
als ze al bestonden.

*

De koele wind
waait onder
mijn rokje
en verjaagt
de warme
zonnehand

zo genieten
mijn dijen
telkens weer
van andere
bezoekers.

 

*

Vandaag loog ik
de ruimte die
zijn woning is,
de hemel zijn dak
de bank zijn bed
de regen zijn bad

de hond zijn mens
en soms een gans,
ik loog

de vrije zomer
en de winter
als hij bevriest.

 

 

*

Bijvoorbeeld
hebben wij knoken en knieën
en ellebogen en buigen bomen
zonder soepel metde wind,
zijn onze armen geen takken
en onze benen geen stam
kunnen bomen niet lopen
en wij niet buigen, bomen
ruisen en wij spreken.

 

*

De wind is eindelijk gaan liggen,
vanochtend liep hij nog rustig rond
daarna begon hij te rennen als een gek
en nu het avond wordt ligt hij
als een hond aan mijn voeten,
het beest.

 

*

Ik was weer even
in de leegte –
maar kort
sinds lang,
alsof ik eindelijk
thuis kwam.

 

*

Sommige zijn hard als bankiers
sommige zacht als jonge moeders
sommige hebben een blos,
flonkeren of stinken

maar als ze samenkomen
vertellen ze verhalen over
harde bankiers met blozende
moeders die stinken naar
zachte baby’s en flonkeren
van liefde.

 

*

Een dor oud blad dartelt
achter mij aan over het grint
maar de wind bepaalt
zijn richting en het verdwijnt
vergeefs in de verte ritselend
alsof het wil zeggen dat het
al eerder bij mij woonde.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vertalingen/ Traductions/ Translations

Informatie